Plaagmier rukt op!!
13-03-2009 - De kolonies plaagmier zijn soms wel honderd keer zo groot als die van de bekende mierensoort.
Plaagmier rukt op
De plaagmier staat ook bekend als de bruine tuinmier (Lasius neglectus) Het bestaan van de soort is pas sinds 1990 bekend. De kol
onies plaagmieren zijn soms wel honderd keer zo groot als die van de in Nederland bekende mierensoort. Koos Boomsma, medeontdekker van de mier, zegt in een persbericht dat hij zijn ogen niet kon geloven toen hij de soort begin jaren’90 aantrof. "Ik kon niet geloven wat ik zag, zoveel mieren die zich ophielden op één grasveld." Volgens Boomsma zullen de bruine mieren in hun zoektocht naar voedsel in lange rijen huizen binnendringen.
Einde van inheemse miersoorten?
Omdat de kolonies plaagmieren tot wel honderd keer zo groot kunnen worden als de in Nederland bekende soort, worden de groepen plaagmieren als een plaag beschouwd. De verwachting is dat de kolonie met zijn enorme aantallen plaagmieren de inheemse miersoorten op den duur verdringt uit het natuurlandschap. De opmars van de plaagmier is mede te danken aan de klimaatsverandering. Door de gematigde klimaten voelen de mieren zich op steeds meer plekken thuis.
Verspreiding via potgrond: van Midden-Oosten, nu al in Gent
De plaagmier is oorspronkelijk afkomstig uit het Midden-Oosten. Recent is het insect al in Gent (België) gesignaleerd en het lijkt onwaarschijnlijk dat de mier de weg naar Nederland niet zal weten te vinden. Ook in Frankrijk en Duitsland wordt melding gemaakt van kolonies plaagmieren. Volgens Sylvia Cremer, onderzoeker aan de Universiteit van Regensburg in Duitsland, verspreidt de plaagmier zich vooral via potgrond. Mensen verspreiden de mieren in potplanten. Potgrond moet in haar ogen dan ook goed gecontroleerd worden. “Anders is het te laat om nog van de mier af te komen.”
Ontdekking in 1990
De plaagmier is met zijn drie millimeter lichaamslengte niet groot. Het insect is evenmin erg agressief. Maar de grote, dichte kolonies die de mier vormt, en de vraatzucht van al die mieren bijeen, zorgen er wel voor dat hij andere mieren- en insectensoorten verdringt. De Nederlandse evolutiebioloog prof. Koos Boomsma herkende de mier in 1990 in Boedapest als een nieuwe soort. Op dat moment had het beest zich al over een hele stadswijk verspreid. Het dier leefde in de stad al sinds de jaren zeventig in een boomkwekerij, maar niemand had gezien dat de soort in Europa onbekend was – vandaar dat het dier uiteindelijk neglectus gedoopt werd: de verwaarloosde.
Snelle vermeerdering door inteelt
Bij de meeste mieren vliegt de mierenkoningin uit, op zoek naar (gevleugelde) mannetjes van een andere kolonie om zich mee voort te planten. Plaagmieren doen dat anders. Plaagmieren hoeven hun partner niet in een ander nest te vinden. Ze kunnen intelen. De mieren paren binnen de kolonie, zodat nieuwe populaties zich simpelweg afsplitsen van oude. Dat is een levensgroot voordeel als je de pionier bent in een nieuw gebied. Koloniseren gaat dus veel sneller. Neglectus-mieren van verschillende kolonies vallen elkaar ook niet aan. In hun oorspronkelijke leefgebied (Turkije) zorgt die eigenschap niet voor overlast, omdat de mieren in toom werden gehouden door parasieten. Maar de plaagmier is nu van die parasieten verlost.
Gerelateerd nieuws
